Gistermiddag hadden we al bonnetjes gekocht voor het ontbijt vanochtend, in een restaurant, vlak naast het klooster. En dat hadden meer mensen gedaan. Er is een lange wachtrij. Wat een drukte!
Roncesvalles ligt op 900m. Het is er vanochtend helder en koud. We lopen de eerste uren met jas en handschoenen. Het gras is wit bevroren.

Maar het grootste verschil met Frankrijk is wel de drukte. Bij vertrek zijn er zoveel mensen; het lijkt wel een wandelmars. Boekje en richtingaanduiding zijn overbodig. Je loopt gewoon met de meute mee.

Een ander groot verschil met Frankrijk zijn de faciliteiten onderweg. Na een half uur komen we in een dorpje, waar de supermarkt al open is. Bij verschillende gelegenheden kun je er iets eten of drinken. En dat gaat de hele dag zo door. Boodschappen plannen en een dag vooruit kopen hoeft niet meer.
Na een paar uur is er een aantrekkelijk terras in de zon. Daar treffen we Nynke en Sophie weer.

We komen hen de laatste paar dagen regelmatig tegen. Nynke komt uit Friesland, en komt ook uit Nederland lopen. Sophie reist een jaar, tussen haar middelbare school en verdere studie. Ze heeft een aantal maanden op een camping in de Dordogne gewerkt en is van daar uit haar Camino begonnen.
We zitten er heerlijk in de zon, en het is gezellig.
Het volgende dorp, Zubiri ligt verder weg. We lopen nog steeds door een bergachtig gebied. De paden zijn hier heel goed. We lopen veel door bos. Af en toe schitterende uitzichten.
In Zubiri, op 22 km, moeten we beslissen of we daar overnachten, of nog een dorp verder gaan. We besluiten een broodje te eten, en verder te gaan.
In Frankrijk reserveerden we, bijna altijd, onze slaapplaatsen vooruit. In Spanje kan dat, voor de pelgrimsovernachtingen, niet. Je kunt dus onderweg bepalen of je ergens stopt of nog verder gaat.
Kwart over vier komen we in Larrasoaña aan.

We krijgen er een bed toegewezen in de gemeentelijke gîte. Er is tuin achter de gîte. Daar zitten Nynke en Sophie aan een biertje. We sluiten ons er graag bij aan. De automaat met blikjes bier is vlakbij, en opeens is het dan al zeven uur, en hebben we nog steeds niet gedoucht. Eerst maar eten. Wij gaan naar het restaurant van het dorp, voor het pelgrimsmenu. Daarna douchen en naar bed.