Dag 105: DI 10 nov. O Pedrouzo – Santiago de Compostela (22km)

De laatste etappe naar Santiago. Het is mistig als we vertrekken. Na een uurtje wordt het lichter en breekt de zon door. Dat is echter van korte duur. Al gauw trekt het weer helemaal dicht. En de zon gaat het niet meer winnen.

Bos, dorpjes, velden, boerderijen.

Vijf kilometer voor Santiago, op Monte de Gozo, staat een enorm monument, ter ere van het bezoek van de paus in 1989.

Vanaf deze heuvel hebben we vandaag uitzicht op mist. Daarachter ligt Santiago verscholen, maar dat is buiten beeld.

Als we verder naar beneden lopen, bereiken we al gauw de grens van de stad. Met een gevoel van euforie lopen we Santiago binnen. We zijn er! Na een reis van 15 weken komen we aan. Het voelt onwezenlijk. We kunnen het nauwelijks bevatten. En we voelen ons heel blij!

Als we in de buurt van de kathedraal komen, lopen we langs ons hotel. Maar we willen eerst naar de kathedraal. Bij het oplopen van het plein zien we Marian, hoog boven op een balkon van het museum. Ze is gisteren al aangekomen. We zwaaien enthousiast naar elkaar. Even later komt Young, het Koreaanse meisje met de nieuwe sandalen, ook aan. En dan komen we het echtpaar uit Utah tegen. Iedereen feliciteert elkaar en er worden vele foto’s gemaakt.

We willen naar de kathedraal, maar daar mogen we met de rugzakken niet in… Dan maar eerst naar het pelgrimsbureau. Met onze twee stempelkaarten, krijgen we hier een mooie pelgrimsoorkonde, waarop, in het Latijn, wordt verklaard dat we de Camino naar Santiago hebben gelopen.

Terug op het plein voor de kathedraal zijn er nog veel meer bekenden: Cesar uit India, Martina uit Hamburg, de man uit Mornington (Australië), en nog vele anderen die we onderweg ontmoet hebben. Het is een complete reünie. Intussen is het zonnig geworden. En iedereen is opgetogen en blij.

Uiteindelijk gaan we toch maar inchecken in het hotel. Geen slaapzaal voor twee nachten; we trakteren onszelf op een mooie hotelkamer (hospedariá San Martin Pinario).

Na gedoucht te hebben gaan we dan, zonder rugzak, de kathedraal bezoeken. Het belangrijkste in de kathedraal is het graf van de apostel Jacobus de Meerdere. Het ligt in een crypte onder het altaar. Het is maar een klein kistje; we zijn de afgelopen maanden al heel wat relieken van Jacobus tegengekomen.

Het centrum van het altaar is een levensgroot beeld van Jacobus. Je kunt hem van achteraf omhelzen.

Als we de kathedraal weer uitgaan, lopen we meteen weer bekenden tegen het lijf. En we belanden met een groep mensen op een terras.

Daar komen we ook Mike weer tegen, die we al weken niet meer gezien hebben. Hij blijkt 5 dagen op ons uitgelopen te zijn, en is al op en neer naar Finisterre geweest.

Om half acht gaan we naar de pelgrimsmis.

En daarna met een grote groep tapas eten. Op de foto, behalve Maarte: Philip uit Ierland, een meisje uit Zuid Afrika en een Deen.

Mooie afsluiting van een geweldige dag.